Geef jezelf een break mama

Rituelen maken

Eigen tradities, onvergetelijke herinneringen

De dagen, weken en maanden beginnen steeds meer op elkaar te lijken en je weet soms niet meer wanneer je wat ook alweer gedaan hebt. Alles rijgt zich aaneen en het lijkt wel of jullie een beetje in een roes leven van afspraak naar afspraak zowel privé als op het werk.

Geef jezelf een break

Waar wil je dat je kinderen op terugkijken? Juist als jullie een vol leven hebben, is het waardevol om als gezin je eigen bijzondere tradities te hebben. Ze geven veel plezier aan je kinderen en maken dat ze later leuke herinneringen hebben. Dat is ook erg leuk voor jullie als ouders. Tradities maken mooie, bijzondere herinneringen. En je mag jezelf ook weer even kind voelen.

Tradities zijn – in tegenstelling tot rituelen – geen dagelijkse kost. Door het wegvallen van onder andere kerkelijke gebruiken en de bijbehorende tradities, zijn steeds meer gezinnen op zoek naar hun eigen tradities. Een gezinseigen traditie maakt jullie gezin anders dan andere gezinnen en hoort echt bij jullie.

Waarom zijn deze tradities zo waardevol?

Tradities geven een identiteit.

Tradities typeren en verbinden mensen binnen steden, landen en culturen. Omdat eigen tradities ook een gezin anders maken dan andere gezinnen, geeft dat kinderen een gevoel van verbondenheid binnen het gezin.

Tradities blijven hangen

Kinderen zullen zich tradities beter herinneren dan de dagelijkse rituelen. Iedere moederdag naar Artis herinneren kinderen zich later beter dan het feit of jullie iedere dag gezamenlijk ontbeten. Ook iedere vakantie een dagje één op één met papa of mama en dan als kind zelf mogen uitkiezen wat jullie gaan doen, maakt onvergetelijke herinneringen. Mijn eigen man gaat iedere vakantie met de kinderen naar de bioscoop. De kinderen kunnen alle films opnoemen die ze met papa hebben gezien. Ze spotten nu vaak al een nieuwe film die in de volgende vakantie in de bioscoop draait. Het hoeven geen grote dingen te zijn: het kan ook het glaasje prik en de roze koek op vrijdagavond zijn, als de kinderen op mogen blijven om dat leuke TV-programma te kijken. Of zoals een ex-collega van mij deed: gourmetten met het beginnen van de zomer- en wintertijd.

Tradities bevestigen jullie waarden

Ieder gezin heeft waarden die onbewust meespelen in de keuze van jullie activiteiten. Denk aan waarden als sportief zijn, plezier maken, sociaal zijn, humor en veiligheid. Een familietraditie kan deze waarden bevestigen. Vinden jullie humor belangrijk, dan kun je bijvoorbeeld net als een vriendin van mij met Pasen een eierschilderwedstrijd doen: wie het gekste ei heeft wint dan een nog gekkere prijs. Of als je Kerstmis niet wilt vieren: dan vier je ‘geen kerst’ ergens in juni.

Tradities overleven generaties

Er zijn tradities die van generatie op generatie doorgegeven worden en die mooie verhalen ‘van vroeger’ kunnen opleveren. De wereld verandert zo snel dat het contact met ‘vroeger’ snel weg is. Kinderen smullen vaak van verhalen van hun (over)grootouders. Zo ken ik een verhaal van mijn vaders opa die net na de oorlog – bij gebrek aan geld – altijd zelfgemaakte cadeautjes gaf met Sinterklaas. Zoals een ingepakt blokje hout, zodat de ontvanger ‘op een houtje kon bijten’. Dikke pret had hij erom. Nog steeds is het uit naam van de goedheiligman anderen in de maling nemen een traditie in veel gezinnen. Maar ik heb ook gehoord van pannenkoeken eten in pyjama op de tweede zondag van de maand, of een ludiek doorgeefcadeau dat al jarenlang iedere verjaardag doorschuift naar de volgende jarige binnen de familie. Een afzichtelijk beeldje waarvan niemand weet wat ermee te doen; dan maar doorgeven.

Je eigen tradities maken

Ga eens met je partner en kinderen in gesprek en bedenk jullie eigen ‘anders dan andere’ tradities! Wie weet bestaan ze nog voor jullie achter- achterkleinkinderen.

Ter inspiratie een aantal suggesties voor het bedenken van tradities:

  • Wil je iets doen op een traditionele feestdag of juist niet?
  • Hangt een traditie samen met een bepaalde datum of leeftijd van iemand (bijvoorbeeld duizend weken oud)?
  • Kies je voor een traditie bij een bepaalde mijlpaal? Bijvoorbeeld een diploma of het rijbewijs?
  • Wie zijn erbij betrokken? Eén op één, het hele gezin of de hele familie? Alleen mannen, vrouwen of juist de kinderen?
  • Heeft het iets met eten te maken (wie kookt er wanneer wat) of met een zelfbedacht cadeau?
  • Is het thuis of juist ergens anders? Of alleen op vakantie?
  • Is er een dresscode of een bepaald verkleedthema?
  • Is er een wedstrijdelement en kan er iets mee gewonnen worden? En zo ja: wat dan?

“In de zomervakantie mogen de kinderen altijd één nachtje beneden op de bank slapen en desnoods de hele nacht opblijven. Ik doe dat altijd aan het begin van de vakantie zodat ze de rest van de vakantie kunnen bijkomen, haha!” ~ Karin, ondernemer en moeder van een zoon en een dochter

Zakelijke telefoontjes thuis, met kleutergezang

Je kiest er toch voor om thuis wat te werken op je vrije dag en dus ook bereikbaar te zijn. Ook al weet je dat het niet productief is, soms moet je wel eens schipperen. Je wilt dat ene gesprek gewoon even voeren. Je probeert natuurlijk om op een rustig moment, bijvoorbeeld tijdens het slaapje, te bellen maar wordt natuurlijk net terug gebeld als je kleuter wakker is. Je neemt het risico. Op goed geluk. Op het moment dat je opneemt begint je kleuter luidkeels met K3 mee te zingen.

Geef jezelf een break

Soms is het niet anders en de wereld vergaat meestal niet als je thuis een zakelijk telefoontje pleegt wanneer je kindje ook thuis én wakker is.

Tips

  1. Benoem het gewoon. Bij collega’s of relaties die je goed kent, kun je het vaak open bespreken. Je zegt dat je dolgraag het gesprek wilt voeren maar dat je een kleuter om je heen hebt lopen en dat je het probeert. Vaak hebben mensen er ook begrip voor. Het zegt ook iets over je intentie en je prioriteiten op dat moment. Het is ook in jouw belang dat een kwestie goed opgelost wordt.
  2. Schat de risico’s in. Soms wil je een telefoongesprek zo graag voeren dat je de schade inschat en het risico neemt. Het kan zijn dat als jij aan de telefoon bent, je kleuter begint met het één voor één uit de kast trekken van de DVD’s; je laat je kleuter zijn of haar gang gaan. Je ruimt het straks samen wel op en in het ergste geval sneuvelt er een DVD, wat anders ook kan gebeuren. Of je geeft je kind een extra koekje omdat het zo zoet is. Niet altijd even verantwoord misschien maar soms heiligt het doel de middelen. Leg je kleuter wel duidelijk uit dat dit een uitzondering is.
  3. Als je zelf moet bellen, kun je soms van tevoren afspraken maken met je kind. Als jij rustig kunt telefoneren terwijl hij of zij TV kijkt, gaan jullie straks samen een spelletje doen.
  4. Sommige gesprekken zijn zo intensief om je gedachten bij te houden of de relatie is zo nieuw en belangrijk dat het geen zin heeft om überhaupt je telefoon op te nemen. Luister een eventueel voicemailbericht af en antwoord per mail of SMS als het niet kan wachten. Dat is soms beter dan opnemen met een krijsende kleuter op de achtergrond. Geef in je bericht antwoord op de gestelde vraag of geef aan wanneer je wel bereikbaar bent of terug belt.

Uit: Geef jezelf een break mama

Maak het eenvoudig

Meten is weten, die term ken je vast wel. Maar hoe doe je dat met ongrijpbare zaken? Er is een simpele truc.
Je herkent het misschien wel; je bent een beetje moe, je relatie zit in een dipje of je weet niet of je je werk nog wel echt leuk vindt. Het is een gevoel maar een beetje ongrijpbaar. Ik spreek vaak mensen tijdens coachingsgesprekken die dat gevoel herkennen. Ze hebben weinig energie, zijn hun baan zat of voelen zich gewoon ongelukkig met de keuzes die ze in hun leven hebben gemaakt. En dan? Best lastig soms om echt te benoemen wanneer en op welk vlak in je leven je wilt of moet ingrijpen om je weer beter te voelen. Een eenvoudig hulpmiddel is om het een cijfer te geven.

Neem bijvoorbeeld de vrouw die werk en gezin combineert maar zich moe voelt. Als ik aan haar vraag om haar energieniveau aan te geven tussen de 0% en 100% en ze zegt 30% dan gaan er bij mij meteen alarmbellen rinkelen. Vooral als ze op de vraag in welke versnelling ze functioneert, antwoordt: de zesde! Als je dit leest begrijp je dat ze dit niet lang volhoudt en het risico loopt zich ziek te moeten melden.

Meten heeft een aantal voordelen:
-Iets een cijfer geven kan je snel helpen om ergens inzicht in te krijgen en het ontastbare tastbaar te maken. Je maakt iets ongrijpbaars voor jezelf heel snel duidelijk. Dit kan verrassend zijn. Zo kun je iets wel een lager cijfer (of hoger) geven dan je van tevoren had verwacht.
-Je kunt je gevoel makkelijker aan een ander uitleggen. In het ziekenhuis vraagt de verpleegster ook aan de patiënt om zijn pijnbeleving een cijfer te geven. Zo weet hij of zij hoe de patiënt zich voelt en ook of er verbetering of verslechtering in zijn situatie is ten opzichte van gisteren.
-Je kunt je gevoel vergelijken met een eerder moment en zo weten hoe het met je gaat op dat gebied.
-Ook kun je voor jezelf bepalen wanneer je in moet grijpen. In het voorbeeld van de vrouw die zich moe voelt: als ik haar vraag op welk energieniveau ze minimaal wil functioneren en ze geeft aan 70% dan weet ze dat er werk aan de winkel is om van 30% naar 70% energieniveau te komen. Dan gaan we een plan maken hoe ze dit kan bereiken. In dit geval eerst uit de zesde versnelling komen 🙂
-Je kunt het ook gebruiken om aan een ander te vragen om iets een cijfer te geven. Dan kun je de ander sneller begrijpen.
-Het kan je ook inzichtelijk maken of het aan iets in het geheel ligt of in een deelaspect ervan. Bijvoorbeeld je geeft je baan een 7 maar bent toch niet blij. Ga je dan nader onderzoeken dan ontdek je misschien wel dat je je collega’s een 9 geeft maar je werk inhoudelijk maar een 4. Dan kun je dus gerichter actie ondernemen.

Praktische tips:
1. Bepaal waar je je niet lekker over voelt; je energieniveau, je baan, relatie, tijd voor jezelf of je omgeving.
2. Geef het een cijfer: van 1 tot 10, een percentage of een ander zelfgekozen criterium (bijvoorbeeld de versnelling). Wees eerlijk. Vaak is je eerste ingeving de juiste.
3. Bepaal bij welk getal je wel tevreden zou zijn: bijvoorbeeld je wil je baan een cijfer 8 kunnen geven, je energieniveau op 80% hebben (dan heb je ook nog wat reserves) of je wilt 20% meer tijd voor je gezin.
4. Bepaal welke acties je moet ondernemen om je doel te bereiken. Bijvoorbeeld vrij nemen of sporten om jezelf op te laden. Werk delegeren of in gesprek gaan met een loopbaancoach over je carrière. In gesprek gaan met je partner over jullie relatie of iets leuks plannen met de kinderen.
5. Check regelmatig bij jezelf of je op de goede weg bent. Je hoeft natuurlijk niet de hele dag met je rekenmachine rond te lopen maar af en toe even je gevoel checken kan helpen. Je kunt je ‘metingen’ als je wilt bijhouden in bijvoorbeeld je agenda. Zo kun je het goed vergelijken.

Succes!

Wat je ‘eigenlijk’ wilt, is wat je wilt. Punt.

Je hebt je werk altijd met veel plezier gedaan en sinds je moeder bent geworden ben je minder uren gaan werken. Dat bevalt je goed en je bent blij met je baan. Toch heb je de laatste tijd een onrustig gevoel. Je vraagt je af wat je eigenlijk wilt in je leven, vooral in je werk. Je doet veel dingen omdat je ze nu eenmaal altijd al hebt gedaan, maar nu je een kind hebt zie je alles in een ander perspectief. Je baan is uiteindelijk niet echt je droombaan en je vraagt jezelf steeds vaker af wat je dan eigenlijk zou willen doen.

Leven volgens je passie, je ambities waarmaken en werken dat niet als werken voelt. Het klinkt zo mooi en er zijn al vele boeken over volgeschreven, cursussen voor ontwikkeld en coaches voor opgeleid. Want wie wil dat nu niet, je droom leven?

Mooi als je cursussen kunt volgen om je passie te ontdekken en zeker doen als je er tijd en gelegenheid voor hebt. Heb je die tijd en gelegenheid op dit moment niet? Dan wil je ik inspireren met een eenvoudige truc.

Heb je er al eens op gelet hoe vaak je het woord ‘eigenlijk’ gebruikt? Toen ik begin 2012 in gesprek was met mijn eigen coach merkte ik hoe vaak ik het woord gebruikte. Eigenlijk betekent: echt, feitelijk, werkelijk, in wezen. Achter het woordje ‘eigenlijk’ zeg je dus wat je écht wilt. Zo hoorde ik mezelf tegen mijn coach zeggen:

  • eigenlijk zou ik dat boek willen schrijven dat al anderhalf jaar in mijn hoofd zit…
  • eigenlijk wil ik twee maanden fulltime aan mijn boek werken…
  • dus eigenlijk moet ik twee maanden geen afspraken maken die daar niets mee te maken hebben…

In een paar stappen kun je erachter komen wat je eigenlijk wilt, wat je écht wilt:

  1. Eigenlijk zeg je…  Als je jezelf ‘eigenlijk’ hort zeggen, stop dan even en luister naar wat je ‘eigenlijk’ zegt. Je hebt dan de kern te pakken van wat je wilt. “Eigenlijk wil ik minder stress..” of “Eigenlijk wil ik meer tijd voor mezelf..”
  2. Laat het woord ‘eigenlijk’ weg… Laat in je constatering nu het woordje ‘eigenlijk’ weg en maak er een bevetiging van. Dus: “Eigenlijk wil ik minder stress door de combinatie van werk en gezin” wordt “Ik wil minder stress door de combinatie van werk en gezin!” En: “Eigenlijk wil ik meer tijd voor mezelf” wordt “Ik wil meer tijd voor mezelf!” Merk je hoe krachtig de bevestiging klinkt?
  3. De volgende stap… Als je de bevestiging hardop voor jezelf uitspreekt, is de volgende vraag: wat nu? Hoe ga je dat wat je wilt, ook echt voor elkaar krijgen? Dat doe je door consequenties aan je keuze te gaan verbinden. Dus bijvoorbeeld: “ik ga een cursus volgen om mijn stress beter te hanteren”. En “ik ga meer tijd voor mezelf maken”. Uit deze consequenties volgen dan stappen om je doel te bereiken.

Het vraagt zeker wat lef om de confrontatie met jezelf aan te gaan en jezelf af te vragen wat je echt wilt. De energie die vrijkomt als jet het wél doet, helpt je om de volgende stap te zetten. Dit betekent dat je uit je comfortzone moet durven komen. Je gaat wellicht een andere baan zoeken en dat betekent bepaalde zekerheden opgeven. Of je verdient tijdelijk minder geld als je minder gaat werken, maar het levert je ook veel op: tijd, energie, voldoening en persoonlijke groei. En één ding wil je zeker niet: aan het einde van je leven zeggen: “eigenlijk wilde ik…”

“Eigenlijk wil ik wel een boek schrijven…” Jij hebt het nu in handen!

Verrassend hoe snel dit uiteindelijk geregeld was, toen ik het eenmaal uitsprak. Ik kreeg het er wel drukker door, maar door deze bewuste keuze te maken kreeg ik ook weer meer ruimte en energie.

En jij? Wat wil jij eigenlijk doen?

TIPS

  1. Soms zit ‘eigenlijk’ in kleine dingen die je makkelijker kunt organiseren. Als je bijvoorbeeld ‘s avonds een afspraak hebt en je bent moe, kun je bij jezelf denken: “eigenlijk zou ik willen afbellen en thuis blijven..” Soms is het een structurele, relatief kleine aanpassing met grote positieve gevolgen voor je dagelijkse leven. Iedere dag een half uur eerder van je werk naar huis, maakt het misschien mogelijk dat je ‘s avonds met je geziin op tijd een redelijke maaltijd kunt eten. Hierdoor verloopt de avondspits rustiger, slapen je kinderen wellicht beter en heb jij ‘s avonds weer tijd en energie om je resterende werk af te maken.
  2. Misschien lukt het je in deze fase van je leven nog niet om je leven anders in te richten. Accepteer dat, als het niet anders is op dit moment en je je huidige baan om wat voor reden dan ook niet wilt of kunt opgeven. Als je het de komende jaren volhoudt, kun je straks misschien wel de carriere-stap maken die je graag wilt. Je hebt dan wellicht alsnog jouw droomfunctie.
  3. Kijk eens of je de dingen die ‘eigenlijk’ niet lekker lopen op een andere manier kunt organiseren: krijg je stress van alles wat er in huis nog moet gebeuren? Kijk dan eens of je de taken beter kunt verdelen met je partner, of dat je de dingen minder vaak kunt doen of minder goed. Een hogere rommeltolerantie doet ook wonderen. Of besluit om toch voor een paar uur per week een betaalde hulp in te schakelen.
  4. Kom je niet verder? Zoek dan een professionele coach of volg die cursus.

You only live once, but if you live your life well, once is enough – Mae West

 

Wie wat bewaart, heeft te veel

Je huis is al maanden niet meer herkenbaar als jouw huis. Overal liggen spullen en je bent van alles kwijt. Het stapelt zich op: tekeningen en speelgoed van de kinderen, werk dat je mee naar huis hebt genomen, tijdschriften en sportspullen. En er groeien ook nieuwe stapels: de verjaardagskaarten die jullie oudste voor haar verjaardag kreeg en de folders die je nog door wilt kijken voor de nieuwe inrichting van de slaapkamer. Je zou wel een hele week alleen in huis door willen brengen om alles nu eens goed uit te mesten en op te ruimen. Maar wanneer heb je daar ooit tijd voor?

Geef jezelf een break

Als je goed om je heen kijkt zie je hoe ongelooflijk veel spullen we hebben – én bewaren. Je weet natuurlijk maar nooit wanneer dat jasje met die enorme schoudervullingen weer in de mode komt; die haarklem bewaar je voor als je haar weer lang is; en dat zo goed als nieuwe blauwe rompertje bewaar je voor als er nog eens een jongetje geboren wordt in je kennissenkring. Het is immers alleen maar een béétje verwassen?
Maar vraag je eens af wat je echt nodig hebt. Mij verbaast het ieder jaar weer hoe weinig ik nodig heb in de vakantie en dat er altijd kleren zijn die ik mee had maar toch niet heb gedragen. Veel spullen betekent sneller rommel, meer onderhoud en minder overzicht.

Hoe beslis je nu wat je dan wel en niet zou kunnen bewaren? Hieronder lees je hoe je daar achter komt:

1. Bewaren

Je kunt de volgende criteria hanteren:

  • Je weet dat je het hebt en gebruikt het
    Dingen die functioneel zijn en waarvan je weet dat je ze hebt, horen bij je inboedel. Maar spullen waarvan je niet eens weet dat je ze hebt en die je ook niet gebruikt (ze liggen op zolder achter een schot in een doos die al vijftien jaar niet open is geweest) kunnen weg.
  • Het is prachtig om naar te kijken
    Een foto, beeld, schilderij waar je niet op uitgekeken raakt: gewoon bewaren
  • Je hebt een emotionele reden om het te houden
    Dingen met een emotionele waarde waar je niet iedere dag naar kijkt en niet wegdoet omdat je eraan gehecht bent, kun je natuurlijk bewaren. Denk aan bijzondere spullen van de kinderen, erfstukken of sieraden met een emotionele waarde. Heb je dozen vol met knutselwerken en tekeningen van je kinderen? Bewaar alleen de mooiste tekeningen en maak foto’s van de andere knutselwerken en tekeningen. Zo ‘bewaar’ je het toch zonder dat het ruimte inneemt.
2. Tijdelijke plek

Twijfel je alsnog of je iets weg wilt doen? Leg het tijdelijk ergens neer waar je het niet ziet en zet in je agenda dat je het over twee maanden weg wilt doen. Weet je niet meer wat er in de zak of doos zit? Doe het dan ongezien weg. Je mist het blijkbaar niet.

3. Wegdoen

Een goede vraag bij het wel of niet wegdoen van spullen is: Is een ander er blijer mee dan ik? Zo ja, dan heb je de volgende opties:

  • Verkopen
    Als iets nog wat op kan brengen, dan kun je het verkopen op Marktplaats of een rommelmarkt. Je kunt ook een doel stellen wat je met het geld wilt doen, zodat jij en je gezin blijer worden van de nieuwe uitgave dan van wat je hebt verkocht. Later weten de kinderen vaak niet meer welke spullen ze hadden, maar ze onthouden wel dat leuke tripje naar de Efteling dat jullie samen hebben gemaakt.
  • Weggeven
    Brengt iets waarschijnlijk weinig op of heb je geen zin om veel tijd te stoppen in het verkopen? Geef het dan weg aan iemand die het goed kan gebruiken. Ken je niemand? Breng het dan naar de Kringloopwinkel of geef het aan een ander goed doel.

Klein beginnen

Het liefst wil je je huis in één keer helemaal georganiseerd hebben. Maar als je gaat wachten tot je tijd hebt om dit helemaal te doen, komt het er zeker niet van. Bovendien vindt (bijna) niemand het leuk om dagen achter elkaar bezig te zijn met opruimen. Begin daarom klein, bijvoorbeeld met een plank van je kast of je keukentafel. Zelf vind ik je portemonnee een leuk voorbeeld. In je portemonnee vind je vaak bonnetjes die weg kunnen maar soms ook een statiegeldbon, een visitekaartje van iemand die een waardevol contact kan zijn of een nog ingewisseld staatslot met een prijs erop. Deze dingen zijn dus geld waard.

Lang leve het internet

Alles wat je op het internet kunt terugvinden, hoef je niet te bewaren. Vraag je af bij tijdschriften, artikelen en boeken: kan ik deze informatie op internet vinden als ik het nodig heb? Is het antwoord ja, dan kan het in principe weg.

TIPS

Hier zijn nog een paar handige tips om meer rust en overzicht te krijgen en te houden:

  1. Om de hoeveelheid spullen – maar ook bijvoorbeeld kleren – in je huis te beperken, kun je kiezen voor het ‘iets erbij, iets eruit’-principe. Koop je iets nieuws, doe dan iets anders weg dat je niet meer draagt of gebruikt.
  2. Kijk eens kritisch om je heen. Heb je iets een jaar niet gebruikt of hangt er een kledingstuk al zo lang ongedragen in de kast? Doe het gewoon weg of maak er een ander blij mee.

De hele zomervakantie staan we op de camping en leven dan zo heerlijk eenvoudig. Ik snap niet dat we thuis niet met minder toe kunnen. Gewoon hetzelfde doen met minder spullen.
Esther, creatief ontwerpster en moeder van twee dochters

 

Dit artikel is afkomstig uit het boek Geef jezelf een break, mama.

Sleur of lang leve de rituelen?

Je leven is nog nooit zo overzichtelijk en gestructureerd geweest als sinds je kinderen hebt. De dagen in de week zijn erg voorspelbaar geworden met op tijd opstaan, ontbijten, werken, eten met de kinderen, ze naar bed brengen en dan op de bank tv kijken. Je weet niet of je het nu fijn vindt of een sleur. Waar is de tijd van de spontane acties gebleven? Van groots en meeslepend leven?

Rituelen kunnen enorm waardevol zijn binnen je gezin. Als ouders van een gezin met jonge kinderen zijn jullie vaak al heel erg bewust van het belang ervan: kleine kinderen gedijen er erg goed op. De voorspelbaarheid en de herhaling van bijvoorbeeld het bad- en bedritueel geeft kinderen een gevoel van veiligheid. Uit onderzoek blijkt ook dat kinderen het beter doen op school als er thuis een duidelijke structuur is met vast rituelen. Vaste gewoonten oftewel rituelen leveren je veel op. Niet alleen binnen je gezin, maar ook voor jezelf thuis en in je werk. Het geeft namelijk:

Duidelijkheid

Weten wat je wanneer moet doen geeft veel duidelijkheid. Voor jezelf maar ook voor anderen. Je collega weet wanneer je altijd bepaalde cijfers aanlevert en je kind weet wanneer het naar bed gaat.

Structuur

Als je werkt en leeft volgens een bepaalde structuur dan hoef je minder na te denken over plannen en organiseren. Als je bepaalde dingen altijd op dezelfde dag of tijd doet dan hoef je er de rest van de tijd niet meer over na te denken. Structuur maakt dat je meer gedaan krijgt.

Ruimte

Vaste dingen op een vaste tijd doen geeft ruimte om op andere momenten juist niet te hoeven plannen en ruimte om te genieten van spontane dingen.

Voorspelbaarheid

Mensen zijn en blijven gewoontedieren en houden van voorspelbaarheid. Ze weten wat ze wanneer van je kunnen verwachten en dat geeft rust. Als jij een wekelijkse nieuwsbrief leest met daarin voor jou belangrijke informatie, dan is het fijn als dat altijd op dezelfde dag en hetzelfde moment komt. Dan reken je daarop en pas je jouw planning daarop aan.

Rust, reinheid en regelmaat bestaan niet voor niets en zijn weer in ere hersteld. Hoe ‘eenvoudiger’ je leven, hoe meer ruimte voor spontane digen.

TIPS

1. Herken je eigen rituelen
Misschien ben je je er niet altijd bewust van, maar ongemerkt zijn er meer rituelen in je dag dan je denkt. Loop in gedachten eens een gemiddelde dag door en bedenk welke rituelen je hebt. Zowel in je werk als thuis. Je bewust zijn van deze gewoonten is belangrijk omdat, als je iets verandert, je kinderen er op kunnen reageren. Ze zijn namelijk anders van je gewend.

2. Koester je rituelen
Het lijkt misschien wel eens saai, maar rituelen zorgen voor rust in je gezin en op je werk. Bezuinig er niet op. Hoe moe je zelf ook bent, het bedritueel toch afmaken maakt dat kinderen beter slapen en je zelf daarna ook je rust kunt nemen. Je herkent het misschien wel: je moet nog veel doen en denkt snel het avondritueel te doen door iets over te slaan, zoals een paar bladzijden in het favoriete voorleesboek. Je denkt dat je kindje toch al bijna slaapt. Vervolgens pikt je kind het (begrijpelijk) niet en zet het op het krijsen, waardoor het juist nog langer duurt voordat het gaat slapen. Als jij hierdoor onrustig wordt – je hebt nog zoveel te doen – dan heb je je doel gemist. Geniet lekker van het uurtje dat je met je kinderen bezig bent en probeer in het hier en nu te blijven. Denk niet aan wat je straks allemaal nog moet doen en zie het echt als quality time.

3. Laat je rituelen meegroeien
Opeens is het verhaaltje niet meer nodig maar wil je kind zijn of haar dag doornemen en vertellen wat het allemaal heeft meegemaakt. Of je kindje is oud genoeg om na het omkleden nog even naar beneden te mogen om TV te kijken. Kijk en luister naar je kind en laat het zelf meedenken over wat hem of haar ontspant voor het slapen gaan.

4. Neem je rituelen mee
Je kunt je rituelen ook meenemen. Soms is het improviseren. Bijvoorbeeld als de kinderen logeren of jullie op vakantie zijn. Sommige kinderen zijn dan eerder uit hun ritme omdat alles anders is. Jullie bedritueel zo veel mogelijk vasthouden op vakantie zorgt ervoor dat je kind zich eerder thuis voelt en aanpast. Opa en oma vertellen hoe het avondritueel er thuis uitziet, helpt bij het makkelijker gaan slapen tijdens het logeren. Kinderen voelen zich door deze ‘overdracht’ serieus genomen en veilig.

5. Breek af en toe uit de sleur
Af en toe bewust afwijken van de dagelijkse rituelen is goed. Dit maakt dat je de rituelen kunt waarderen en geeft je minder het gevoel dat je gevangen zit in een harnas van schema’s. Je blijft er flexibel van. En ook je kinderen leren dat het soms ook anders kan gaan.

“Na de vakantie moeten we met z’n allen echt weer in het gareel en daar varen we als gezin toch het beste bij.”
Janet, commercieel medewerkster en moeder van drie dochters en een zoon

 

Dit blogartikel komt uit het boek Geef jezelf een break mama

Stop met piekeren, laat het los

Jullie gaan bijna op vakantie en je maakt je druk over – nou, alles. Heb je wel genoeg zomerkleding mee? En wat als het iedere dag regent? Toch ook maar een paraplu meenemen? Zal de reservering wel goed gaan? Als je die vakantieprogramma’s ziet op TV, wat een ellende. Daar gaan je centen. Daarover gesproken: toch maar wat contant geld meenemen? Stel je voor dat je daar niet kunt pinnen en je boodschappen moet doen? Contant geld meenemen geeft ook weer een risico dat ze het stelen. Toch wat brood en beleg meenemen dan maar voor de eerste dagen? En pleisters natuurlijk en paracetamol. Zal je zien dat er iemand ziek wordt onderweg.

Je bent zo druk met je gepieker dat je vergeet te genieten van de voorpret. Ook je werk kun je moeilijk los laten. Je hebt je werk wel overgedragen maar of het goed komt met de offerte voor die nieuwe klant? En had je die ene mail nou beantwoord of niet?

Geef jezelf een break

Als moeder ben je kampioen scenario-denken, vooral waar het je kinderen betreft. Je probeert van tevoren alle mogelijke hobbels en bobbels uit te sluiten. Het is goed om vooraf na te denken over dingen die je gaat doen, om te plannen en je voor te bereiden op onverwachte gebeurtenissen.
Maar: ga niet liggen voor je valt! Het heeft geen zin om je zorgen te maken over dingen die zeer waarschijnlijk niet zullen gebeuren. Vaak gebeuren er juist andere dingen dan je verwacht op nog onverwachtere momenten. Heb je het ene getackeld dan gebeurt het andere. En: het kan ook niet gebeuren.
Doe jezelf het gepieker niet aan. Heb je die paraplu toch ingepakt, gaat het natuurlijk niet regenen. En als je hem niet mee hebt genomen en het gaat wel regenen, dan kun je er altijd nog eentje kopen. Alsof ze geen paraplu’s hebben in Zuid-Frankrijk. Hetzelfde geldt voor je werk: die nieuwe klant is misschien zelf ook op vakantie en je collega zal vast met een prima oplossing komen als er nog vragen zijn over die offerte.

Tips

  1. Als je niet kunt stoppen met piekeren: schrijf je piekergedachte op een papiertje, bedank voor de waarschuwing maar zeg dat je die niet nodig hebt. Neem er vervolgens afscheid van en verscheur het.
  2. Spreek met jezelf een ‘piekermoment’ af. Bijvoorbeeld: morgenmiddag tussen twee uur en half drie mag ik hierover piekeren en daarna niet meer. Iedere keer als de piekergedachte weer opkomt, zeg je tegen jezelf: nee, morgenmiddag. Je zult zien dat als het moment dan aangebroken is, je eigenlijk geen zin meer hebt om jezelf het gepieker aan te doen. Het was net zo lekker zonder. Stel het maar af in plaats van uit.

‘Piekeren is in een rondje denken. Je komt er niet verder mee.’ ~ Lieke, adviseur hypotheken en moeder van een zoon en een dochter

Dit artikel is afkomstig uit het boek ‘Geef jezelf een break mama’

 

Parttime perfect is prima

Je kan het gewoon: alles. Je bent de liefste partner en moeder van de hele wereld, de meest gastvrije huisvrouw, de meest sexy minnares, de uitblinker op je werk, de best luisterende vriendin en ook de meest beschikbare hulpouder voor school. Je kookt heerlijke maaltijden en je huis ziet eruit alsof het net opnieuw is ingericht volgens de laatste trends. En je doet het fluitend, met veel energie want je sport ook nog drie keer in de week. Ook kun je overal over meepraten: de nieuwste films en het laatste politieke nieuws.

Joehoe! Je mag weer wakker worden uit je dagdroom. Of is het een nachtmerrie? Om alles altijd maar perfect te willen doen? Om steeds maar te willen voldoen aan je eigen hoge verwachtingen?

Geef jezelf een break

Als werkende moeder wil je graag aan allerlei verwachtingen voldoen. Je vindt dat je moet voldoen aan de verwachtingen van je omgeving maar vooral ook aan die van jezelf. Eigenlijk wil je alles doen en ook nog eens heel goed. Maar het is gewoon nooit goed genoeg. Waar doe je het eigenlijk voor? Wat wil je met je perfectionisme bereiken? Erkenning? Waardering? Rampen voorkomen? Soms lijkt het bij anderen zo moeiteloos te gaan. Neem bijvoorbeeld de plaatjes in tijdschriften. Foto’s van oogverblindende slanke moeders die zonder een vlek op hun designjurk stralend lachen. Die in een prachtig ingerichte kamer een zevengangendiner serveren aan een perfecte familie. Aan tafel zitten de kinderen keurig op hun beurt te wachten tot ze hun bord kunnen leeg eten zonder te knoeien. Niets is soms wat het lijkt. Achter de ogenschijnlijk perfecte plaatjes in de bladen zit vaak een andere wereld. Cabaretière Brigitte Kaandorp begreep in een van haar shows ook al niet hoe het perfecte kerstgezinnetje in de Libelle het voor elkaar kreeg dat de man met een smetteloos witte kabeltrui op de foto staat. Totdat ze ontdekte dat voor zo’n fotoshoot wel zes van deze truien klaarliggen…

Perfectionisme is niet verkeerd, je komt er vaak ver mee. Zeker in je werk. Iedere werkgever wil graag medewerkers die gaan voor een uitstekende kwaliteit en dienstverlening. Als je alle tijd van de wereld hebt, kun je naar perfectie streven. Als werkende moeder heb je geen zeeën van tijd, je holt van druppel naar druppel. Je kunt gewoonweg niet alles altijd perfect doen, daarmee zit je jezelf erg in de weg. Het is goed om naar kwaliteit te streven, maar dat betekent niet dat je altijd in alles de beste hoeft te zijn. Dat is onmogelijk en ook niet nodig. En als je alles al perfect zou doen, dan kun je moeilijk nog terug. Anderen verwachten ook niet anders van je.

Wil je het anders doen? Wees een parttime perfectionist!

En dat doe je zo:

1. Kies bewust voor wat je perfect doet

Kies voor de dingen in je leven die je echt belangrijk vindt en doe die heel goed. Dat kunnen dingen in je werk zijn maar ook in je privéleven. Voor de rest geldt: goed genoeg is voldoende. Of je doet het gewoon niet. Wil je een fijne partner zijn en een goede moeder? Stop daar dan veel tijd en energie in. Je kunt dan misschien minder op de hoogte zijn van het laatste politieke nieuws. Of je bent dan misschien minder beschikbaar als die luisterende vriendin. Je belt dan misschien niet meer iedere week, maar als je af en toe uit eten gaat met die vriendin, dan spreek je elkaar ook echt weer goed. Ook weer parttime perfect.

2. Stel je eigen verwachtingen bij

Hoe belangrijk is het om alles ook echt perfect te doen? Moet het een tien zijn? Of is een negen eigenlijk ook wel goed? Als je je eigen verwachtingen van jezelf bijstelt, kun je jezelf ook eens positief verrassen met wat er wel lukt. Gewoon omdat je er zelf minder druk op legt.

3. Verwacht van anderen ook goed genoeg

Als je perfectionistisch ingesteld bent, verwacht je vaak ook veel van anderen. Als zij niet aan jouw verwachtingen voldoen – jij doet immers ook altijd heel erg je best – ben je sneller teleurgesteld in anderen. Als je wat minder verwacht van je omgeving, dan is het ook prettiger samenleven en samenwerken.

4. Reken af met je beperkende overtuigingen

Vraag jezelf af wat er achter je hang naar perfectie zit. Vaak is het angst om controle te verliezen of angst voor de mening van anderen. Het zijn beperkende overtuigingen: ’Als ik het niet perfect doe, vinden ze me vast een loser.’ Soms wil je ook dat dingen goed gebeuren om pijn te voorkomen en waardering te krijgen. Als je bijvoorbeeld je uiterste best doet in je werk, dan wil je jezelf de pijn van een slechte beoordeling van je leidinggevende besparen of de klacht van een klant. Als je het heel belangrijk vindt dat je kinderen er goed uitzien, wil je misschien voorkomen dat ze gepest worden omdat ze ‘stomme kleren’ aan hebben. Of je hoopt op waardering. Als je complimenten krijgt over je kinderen, voel je je als moeder immers heel erg gewaardeerd.

Stel jezelf eens de vraag: Wat is het ergste dat er kan gebeuren als dit niet perfect is? En? Valt het mee? Is het misschien toch niet zo de moeite waard om er zo hard je best voor te doen om het perfect te laten zijn? Anderen zijn namelijk niet bezig met jouw al dan niet perfect zijn. Zij zijn vaak meer met zichzelf bezig en hun eigen verwachtingen.

5. Soms perfect en soms niet

Als je kiest voor een aantal dingen waarin je uit wilt blinken, dan kun je er ook voor kiezen om het niet altijd perfect te doen. Meestal wel, maar soms niet. Of soms wel, en meestal niet. Neem bijvoorbeeld vergaderingen op je werk die jij notuleert. Als er een belangrijke vergadering is waar veel beslissingen genomen worden en een aantal collega’s is er niet bij, dan kun je ervoor kiezen een uitgebreid verslag te maken zodat ook iedereen goed geïnformeerd wordt. Bij andere vergaderingen waarbij er vooral huishoudelijke mededelingen gedaan worden, kun je volstaan met een kort actielijstje.

Tips
  1. Je kunt ook het huishouden parttime perfect aanpakken: af en toe heel hard aan de slag als het voor je gevoel echt niet meer kan. Je hebt dan tenminste ook (voor even) eer van je werk als je ziet dat het zo is opgeknapt. En misschien voel je je dan ook wel voldaan. Laat het daarna weer wat los, anders blijf je achter iedere kruimel aanrennen. Kansloos, zeker met kleintjes. Hou het voldoende bij.
  2. Waar zou jij voor gaan? Een hoop geploeter voor het perfecte zevengangendiner of een gezellige eenpansmaaltijd waardoor je ook nog tijd over hebt voor andere dingen? De laatste leukste tekeningen van je kinderen aan de muur zodat je er elke dag naar kunt kijken? Of alle tekeningen van je kinderen vanaf dag één keurig ingeplakt in plakboeken, voorzien van commentaar waar je maanden zoet mee bent geweest? En wie spreek je liever? Een moeder die relaxt is maar niet volgens de laatste mode gekleed? Of een perfect gestylede moeder die onrustig is omdat ze haast heeft? Oftewel, het perfecte plaatje, of genieten?
  3. Bedenk hoeveel tijd je kunt besparen door niet alles perfect te willen doen. Wat zou je met die tijd willen doen? Iets leuks voor jezelf?

Goed genoeg is soms gewoon goed genoeg.

Meer lezen over parttime perfectionisme? Lees ook mijn boek: Geef jezelf een break mama!